28 september 2016

Lied van de week: week 40 - 2016

When it rain - Danny Brown


De nieuwe single van Danny Brown, Really Doe,is één van de plonsjes op Indiestyle. Het leidde me naar de enkele maanden oude single When it rain, die ik nog meer kan smaken en die ik daarom alsnog uitroep tot "lied van de week".

Je vindt deze single ook terug op het gloednieuwe album Atrocity exhibition, dat je hier kan kopen.

Lyrics:

[Intro]
Have you ever been, uh, stiffed at work?
No, I've never been stiffed... at work


[Verse 1]
With a bat
Go dangerous on that cat
Go Traxman, hit it from the back
DJ Assault, bitch, let me bang
Bruiser Brigade, we run that train
Put that thang in her caboose
Only way you hang is with a noose
Beef with us, it ain't no truce
Y'all niggas lame, y'all ain't like us
Hanging with the devil off angel dust
For that money, in God we trust
All fall victim for greed and lust
Who you 'pose to trust when guns gone bust?
Living every day like it's the end
Just waking up, feelin' like a sin
Gotta keep a eye on your friends
Cause everybody hungry in them streets
Nigga rob ya grandma for something to eat
Know it's fucked up, that's how it be
Growing up living everyday in the D
And it don't seem like shit gon' change
No time soon in the City of Boom
Doomed from the time we emerged from the womb
So to cope, drugs we consume
Here we go, now, here we go
Ain't no water, how a flower gon' grow?
Ain't no change, then how we gon' change?
No umbrella, we stuck in the rain
Dark clouds hanging all over our head
No sunshine and them showers be lead
Lighting up squares and them dots be red
Now ya best friend gets shot in the head, damn

 
[Bridge 1]
Oh, you ain't know that
When it rain, when it pour, get your ass on the floor now
Oh, you ain't know that, did you?
Better duck when you hear them gunshots go off
Pop off when them shots go off
Knock off, you try to play me soft
Glocks all in yo face, dog
No baseball, better run home
Hit ya lung, blood on yo tongue
Exorcist, yo head get spun
Exodus, I might forget
Bitch, when it's time for your ass be done

[Pre-Hook]
You ain't heard it like this before
They don't do it like this no more
That get on up, that get on up
That get on up, up on the floor
You ain't heard it like this before
They don't do it like this no more
That get on up, that get on up
That get on up, up on the floor

[Hook]
Oh, you ain't know that
When it rain, when it pour, get your ass on the floor now
Oh, you ain't know that, did you?
When it rain, when it pour, get your ass on the floor now
Oh, you ain't know that
When it rain, when it pour, get your ass on the floor now
Oh, you ain't know that, did you?
When it rain, when it pour, get your ass on the floor now

[Verse 2]
Time for the percolator
Murder music orchestrator
Point blank hollow tip circulator
Your ass lucky if you on respirator
I'm like Vega rolling with that blade
Kid don't play, wanna catch that fade?
Shoot the house party up with them K's
Shut down when we hit the DJ
That Detroit shit, do the Rambisco
Minks and Gators, pistol the disco
Eating crawfish up in Fishbones
Heater off safety, watching the Pistons
Niggas get pissed on no-fly zone
Call Uncle Trick when you hit my home
Beef with him? Donut hit my phone
D vs. everybody, ain't no song
Coming from the city where them goons be lurking
Get caught slipping, yo ass will be hurting
That's for certain, yo ass be curtains
Young niggas out there puttin' that work in
On you scoring for a pair of Jordans
Whole damn city probably got a couple warrants
Why the county jail always stay crowded
They don't give a fuck, they just go POP

[Bridge 2]
Oh, you ain't know that
When it rain, when it pour, get your ass on the floor now
Oh, you ain't know that, did you?
Better duck when you hear them gunshots go off
Pop off and all them shots go off
Knock off, you're tryna play me soft
Glocks out in your face, dawg
No baseball, better run home

[Pre-Hook]
You ain't heard it like this before
They don't do it like this no more
That get on up, that get on up
That get on up, up on the floor
You ain't heard it like this before
They don't do it like this no more
That get on up, that get on up
That get on up, up on the floor

[Hook]
Oh, you ain't know that
When it rain, when it pour, get your ass on the floor now
Oh, you ain't know that, did you?
When it rain, when it pour, get your ass on the floor now
Oh, you ain't know that
When it rain, when it pour, get your ass on the floor now
Oh, you ain't know that, did you?
When it rain, when it pour, get your ass on the floor now

27 september 2016

Billy Bragg en Joe Henry


De Britse protest- en folkzanger Billy Bragg ontpopt zich meer en meer tot de chroniquer van het folkpatrimonium aan de overkant van de oceaan. Na de drie albums samen met Wilco (Mermaid avenue), trok hij nu met Joe Henry per trein door de Verenigde Staten en het muzikaal verslag ervan duurt weliswaar amper drie kwartier, de dertien songs zijn als hormoonkoeien opgespoten, zij het met kwaliteit.
Wat me het meest opvalt én bevalt op deze plaat, is de samenzang tussen de twee grote muzikanten. Met de achtergrondgeluiden van een station waar ze de song opnamen, komt Rock Island line op die manier krachtig tot leven en bruist de song van tijdloosheid. De toon is meteen gezet voor het hele album. Ook meer dan aardig is de versie die ze hier brengen van In the pines, dat dankzij de Unplugged-plaat van Nirvana bij een heel breed publiek bekend is. Veel valt er aan deze song niet te verbeteren maar het is precies die samenzang die hier voor de meerwaarde zorgt. 
Niet alleen zijn de songs opgenomen tijdens de reis met de trein, ook het thema komt heel vaak terug in de songs: Railroad Bill, Waiting for a train,... Maar bovenal is dit een heel leuke en mooie verzameling folksongs geworden, die ik nog vaak ga beluisteren.

Je kan het volledige album hieronder beluisteren:

24 september 2016

Eén jaar later: verslag van een rit op een roetsjbaan


Het is vandaag precies één jaar geleden dat ik een operatie aan mijn hart onderging. Om een lang verhaal kort te maken: toen ik twee was, werd ik voor een aangeboren hartafwijking geopereerd maar die ingreep leidde op termijn wel tot hartritmestoornissen en enkele andere problemen. Vorig jaar werd in één operatie o.m. iets gedaan aan die hartritmestoornissen (door het plaatsen van een pacemaker) en werd een lek aan een klep gedicht.
De eerste week na de operatie ging mijn herstel verrassend vlug, in het ziekenhuis. Ik slaagde er al snel in om de doelstelling m.b.t. beweging (wandelen, trappen lopen,...) te halen en ik mocht zelfs iets vroeger naar huis dan ik gedacht had. Met goede moed en vol vertrouwen ging ik dus naar huis. Daar bleek het herstel toch zwaarder dan gedacht. Maanden kon ik niet gaan werken en moest ik revalideren: 3 maal per week naar de kine (in het UZ), op het einde gewoon thuis. Waar vooraf gesteld werd dat ik na enkele maanden beter zou zijn en meer conditie zou hebben dan in de periode voorafgaand aan de ingreep, bleek dat ferm tegen te vallen. Meer zelfs, in maart ging ik terug werken maar viel nog regelmatig ziek uit omdat het te zwaar was. Een infectie die ook effect had op mijn lever zorgde ervoor dat ik alle geboekte conditionele winst weer verloor en het is pas sinds enkele weken dat het eindelijk in stijgende lijn gaat. Voordien was het toch vooral een soort processie van Echternach: drie stappen vooruit en twee achteruit... (en bij momenten zelfs omgekeerd).
In al die tijd was er gelukkig wel mijn fantastisch lief, dat tijd maakte voor me, me steunde, me hielp, me aanspoorde, mijn geklaag aanhoorde en een beetje mee triest werd toen ik deze zomervakantie stilaan moedeloos werd van het gebrek aan vooruitgang. Zonder haar en zonder de steun van mijn vrienden en familie zou ik wellicht weggezakt zijn in lethargie en wanhoop.
Ook op het werk ging het moeilijk: mijn steeds terugkerende afwezigheden maakten me onbetrouwbaar en hoewel mijn collega's natuurlijk wel begrepen hoe het kwam (of toch deels), was het voor ieder van hen erg lastig om niet op mij te kunnen rekenen. Momenteel werk ik even in een ander team en die frisse start maakt het vast makkelijker om daarna eventueel terug samen te werken en die vervelende periode achter ons te laten.
De voorbije weken ging het eindelijk beter. Behalve dat de ritmestoornissen meteen weg waren na de operatie (niet onbelangrijk maar lange tijd zowat de enige winst die ik ondervond), was mijn conditie nog slechter dan voorheen, waar ik gehoopt had (en waar dat me ook was voorgehouden) dat ik eindelijk terug meer fysieke inspanningen zou kunnen leveren en meer dingen met mijn kinderen zou kunnen doen. Maar kijk, nu geraak ik weer zonder volledig buiten adem te zijn een brug over met de fiets en kan ik min of meer zoals vroeger naar het werk fietsen, zij het aan een iets lager tempo. Ik heb mijn inspanningen leren doseren en ik voel nu wel dat mijn conditie aan het groeien is. Daar gaan we blijven aan werken dus.
Ook voor mijn kinderen was het geen makkelijke periode. Hoewel ze er zelden iets van zeggen, merk ik toch dat ze bezorgd zijn en ze hebben het afgelopen jaar ook meer dan eens een beetje voor zichzelf moeten zorgen omdat ik moest rusten/slapen of vroeg in bed kroop. Ook kon ik totnogtoe amper dingen doen met hen die fysiek een inspanning vroegen, maar ook daar komt stilaan verandering in.
Het was een roetsjbaan (en ik hou daar sowieso niet van, ook niet in pretparken of op de kermis), maar stilaan wordt het precies een rustige wandelweg naar boven, richting top van de heuvel (berg is nog wat veel gezegd). Hout vasthouden dus...

23 september 2016

Warpaint


Het is heerlijk toeven in het muzikaal universum dat Warpaint schept. Dat bewees de band reeds op bejubelde albums The fool en Warpaint. Drie jaar na de vorige plaat weet het vrouwelijke viertal ons wederom te charmeren met muziek die lekker pretentieloos de oren inpalmt. Ze kijken daarbij niet op een aanstekelijke melodie meer of minder. Intussen klinken de vrouwen wel een pak volwassener.
Maar laten we dit album eens nader onder de loep nemen. Openingsnummer White out herbergt zowel naar The Cure neigende eightiesklanken als zang die als een kabbelend beekje rond de voeten spoelt. Dit is het soort song dat lange autoritten een aura van mysterie en voorbijflitsende lantaarnpalen verleent. By your side klinkt eigentijdser, al valt de hang naar een fin-de-sièclegevoel niet te ontkennen. De vier leden van Warpaint lijken in een eindeloze staat van ennui te verkeren. Deze eeuw mag dan amper begonnen zijn, ze lijken de uitzichtloosheid ervan al duchtig beu te zijn. Verrassend genoeg volgt dan New song dat bruist van levenslust en zo opgewekt klinkt dat we spontaan onze buurvrouw in de armen nemen om ermee door de straat te dansen. Haar verwonderde blik blijft terwijl The stall al door de boxen schalt. “But I won’t give up on you” zingen ze terwijl de noten onverschillig hun eigen pad inslaan, of je nu volgt of niet.
Dat Warpaint niet vies is van een simpel popdeuntje, valt goed te horen in So good. Het zou een uitstekende radiosingle zijn, die elk moment van de dag kan boeien, in de file of in de keuken, aan de schoolpoort of op het kot van een vriendin. En dan, naarmate het lied vordert, voegt Warpaint net dat tikkeltje extra toe dat alles interessanter maakt (maar waardoor het behang-gehalte van het nummer keldert). Voor Don't wanna volstaat schouderophalen, Don't let go verdient daarentegen meer je aandacht. Opnieuw bekruipt een onbehaaglijk gevoel als sluipend gif de song. In Dre neigt dat gevoel zelfs naar een lichte imitatie van The xx, al houden deze dames het waakvlammetje der genoeglijkheid steeds net voldoende brandend.
Heads up, de titelsong, groeit na meerder luisterbeurten uit tot een persoonlijke favoriet. Alles waar het kwartet zo goed in is, komt hier mooi samen: eighties aandoende muziek, speelsheid en een onmiskenbaar gevoel voor aanstekelijke melodieën. Ook Above control onderscheidt zich op dat vlak, al kan het niet tippen aan het vorige nummer. De cirkel wordt rondgemaakt met het smachtende Today dear waarin een lieflijk betokkelde gitaar de hoofdrol opeist.
De lijn die de band uitzette met de vorige platen wordt verdergezet op Heads up. Gelukkig maar: er is te weinig pretentieloze kwaliteit op deze planeet. De aspiraties van deze vier vrouwen lijken niet verder te reiken dan het veroveren van muurbloempjesslaapkamers, en daar gedijen ze goed. Toch verraadt de uiterste zorg waarmee de songs gearrangeerd zijn, de slimme melodie-opbouw en de harmonieuze samenzang dat deze chicks van aanpakken weten en verdomd goed weten waarmee ze bezig zijn.

Je kan deze recensie ook hier lezen op Indiestyle. Beluister hieronder het volledige album:

22 september 2016

The Bones Of J.R. Jones


Het niveau van The Black Keys of Jack White haalt hij weliswaar niet, toch kan The Bones Of J.R. Jones me meer dan bekoren. J.R. Linaberry, zoals de man volgens de burgerlijke stand heet, vist in de vijver waarin blues, gospel en folk samen vrolijk rondzwemmen. Hij lijkt die muziekgenres te eten, te drinken en te ademen.
Mijn favoriete song is The heat, die ik dan ook al op mijn gms pleurde om tijdens het fietsen naar het werk meermaals te kunnen beluisteren. Er zit meer dan genoeg drive in om me voort te jakkeren over de fietspaden. Maar ook het rustige Wedding song, dat zowat de tegenhanger moet zijn op deze plaat en geschreven werd de dag voor Linaberry zelf in het huwelijksbootje stapte, is een pareltje. I'm your broken dog mag dan al het even rustige vaatje tappen, de kwaliteit is hier een tikkeltje minder en het is de enige song die ik bij herhaalde beluistering durf weg te laten.
Spirit's furnace hengelt niet naar de eindejaarslijstjes en zal er derhalve ook niet terug te vinden zijn, maar op een mooie namiddag verlangt een mens soms naar niet meer dan dit soort plaatjes.

Je kan het volledige album hieronder beluisteren:

21 september 2016

Gespot voor u: Dmitry Evgrafov


Het is al te makkelijk Dmitry Evgrafov zomaar in hetzelde vakje te stoppen als Nils Frahm of Lubomyr Melnyk. De piano mag hen dan wel verbinden, wat deze Rus ermee aanvangt, verschilt toch wel nog serieus van de eerder genoemde artiesten. 
Vorig jaar al bracht hij dit album uit maar ik ontdekte het pas nu. Toch wou ik het u niet onthouden, want het slaat de brug tussen post-klassiek en moderne ambient. Zo is er Reel, aanvankelijk een grappig en leuk deuntje op het klavier dat nog tijdens zijn korte duur een injectie electronica krijgt. Of neem Fracture dat opent als de filmscore bij een film van Lars Von Trier maar uiteindelijk meer en meer thuishoort in het oeuvre van Amatorski. Garage klinkt als vreemde dubstep en in het aan Michael Nyman schatplichtige Cries and whispers klinkt een dreiging door die nieuwsgierigheid opwekt. Het is dan ook hemelse zonde dat die onbevredigd blijft wanneer de song plots afgebroken wordt.
Deze Russische componist heeft een verdomd mooi plaatje gemaakt, zonder zwakke momenten, en dat verdient toch wel meer zonneschijn dan hij totnogtoe lijkt gekregen te hebben.

Je kan het volledige album hieronder beluisteren:

20 september 2016

King Creosote


Wat een bijzonder leuk plaatje is Astronaut meets appleman van King Creosote toch. Ik schoof het in de cd-speler met weinig verwachtingen en dan weet deze singer-songwriter me aangenaam te verbazen door intelligente, mooi gearrangeerde, lichtvoetige liedjes bij elkaar te brengen op zijn zoveelste plaat. Het valt immers amper bij te houden wat Kenny Anderson, de man achter de artiestennaam, al uitbracht op CD-R's, CD's, vinyl,...
De Schot weet al vanaf opener You just want de song te vullen met speelse toetsen, hier aangebracht door strijkers en een achtergrondkoortje. De folkinvloeden zijn duidelijk hoorbaar in Melin wynt en het slepende Faux call. Love life is perfect singlemateriaal waar ze bij Radio 1 om zitten te smeken. Bevreemdend is dan weer Peter rabbit tea waarin opnames van een klein kindje de hoofdrol spelen, begeleid door (opnieuw) strijkers. Surface doet denken aan het beste van The Silencers en Rules of engagement krijgt een ambienttoets mee waardoor dit nummer buitenaards lijkt.
Het moge duidelijk zijn: al is dit geen wereldplaat, King Creosote heeft toch een werkstuk afgeleverd dat genoeg variatie en genoeg kwaliteit bevat om me 53 minuten lang te onderhouden.

Je kan het volledige album hieronder beluisteren:

19 september 2016

Lied van de week: week 39 - 2016

We finally pushed through - DVKES


Jaren tachtig aerobics, bestaat er iets dat meer op de lachspieren werkt, zelfs bij nostalgici? Het levert DVKES alvast wat extra aandacht op dankzij hun clip bij de nieuwe single, We finally pushed through. Die single behoeft nochtans, net als goede wijn, geen krans.

Het nummer is de voorloper van debuutalbum Push through dat op 4 november uitgebracht wordt via Waste My Records.

18 september 2016

Palehound


Palehound is de naam waaronder Ellen Kempner haar muziek met de wereld deelt. In feite is dit een soloproject, voor optredens wordt het een band. In 2015 bracht ze haar eerste album, Dry food, uit dat ter gelegenheid van haar Europese tournee eerder dit jaar ook hier zijn release zag in 2016.
Deze vrouwelijke singer-songwriter klinkt heerlijk rommelig en een beetje grungy, bijvoorbeeld in openingsnummer Molly. Toch weet ze haar sound ook soms soberder te maken en dan krijg je een prachtsong zoals het titelnummer Dry food. Daarin weet ze de juiste snaar te treffen om de luisteraar stil te laten worden en echt te laten luisteren naar wat ze te vertellen heeft.

Je kan het volledige album hieronder beluisteren:

16 september 2016

Wovenhand



De sound van een band kan herkenbaar blijven, evolueren of iets tussen beide in doen. Voor Wovenhand geldt dat de stem van zanger David Eugene Edwards de constante is in hun geluid. Daarnaast hoorden we twee albums geleden een goed gereorganiseerde groep op The laughing stalk, met Alexander Hacke (Einstürzende Neubauten, Nick Cave And The Bad Seeds) aan de knoppen. Dat luidde de verandering in. Na al die jaren kan Wovenhand nog amper verrassen en dat is de belangrijkste vaststelling na beluistering van Star treatment.
De nieuwe plaat lijkt tijdens de eerste nummers vooral een voortzetting van wat de groep op The laughing stalk en Refractory obdurate liet horen. De gitaren scheuren en knarsen op songs als Come brave, Swaying reed en The hired hand. Plots is daar dan The quiver, waarin gas teruggenomen wordt en de stem van de frontman meer gaat bepalen hoe onze oren veroverd dienen te worden. Hoewel het tempo daarvoor al wat gezapiger lag tijdens Crook and flail, klonk het voordat The quiver werd ingezet vooral zwaar.
De Native American roots van Edwards worden blootgelegd op All your waves. Echo’s van platen van Robbie Robertson duiken op, onder meer in de achtergrondzang. Naar die afkomst wordt overigens ook al verwezen op de hoesfoto. Daarna lijkt Wovenhand vooral te twijfelen welke kant de plaat verder zal uitgaan. De zwaarte van de aanvang zit het sterkst in Five by five, Low twelve daarentegen schurkt tegen Crook and flail aan.
Het resultaat is niet het meesterwerk dat Wovenhand wellicht had hopen te maken. De teleurstelling komt vooral voort uit het gebrek aan het wisselende niveau. Net als bij Standard de afgelopen jaren in de Jupiler Pro League, krijgen we zowel mooie dingen als ontgoochelende prestaties voorgeschoteld. De introspectie bij het kijken naar de sterrenhemel schijnt de aanleiding te zijn geweest voor deze plaat, die geen maatschappijkritiek is op sterrencultus. We zouden niet graag moeten leven met wat die overpeinzingen uit de behoorlijk zwarte ziel van Edwards naar boven haalden. Nu is het niet zo dat donkere platen niet gesmaakt worden. Mijn oordeel over de nieuwe van Nick Cave bewees onlangs nog het tegendeel. Helaas weten deze Amerikanen het grimmige niet voldoende om te zetten in schoonheid. We missen de verzachtende klanken van violen of zelfs een banjo. We missen de verstilling en de beklijving van een welgemikte pianotoets. We missen bovenal nuance. Wanneer de plaat in de tweede helft ook nog wat stuurloos en besluiteloos blijft, raakt Wovenhand ons wat kwijt.

Je kan deze recensie ook hier (in licht aangepaste vorm) lezen op Indiestyle. Beluister hieronder het volledige album:

15 september 2016

Gelezen (92)

De begraafplaats van Praag - Umberto Eco


Je zou kunnen zeggen dat deze roman van Umberto Eco gaat over de ontstaansgeschiedenis van de Protocollen van de Wijzen van Zion, een vals document dat de hele twintigste eeuw (en helaas nog steeds in de eenentwintigste eeuw) misbruikt wordt om antisemitisme te rechtvaardigen. De Protocollen heten een verslag te zijn van een samenkomst van rabbijnen op de begraafplaats van Praag waar ze een mondiaal complot beramen om de heerschappij in handen te krijgen.
Het boek is echter veel meer dan dat. Aan de hand van het hoofdpersonage, de enige echt verzonnen figuur, krijgen we een geschiedenis van Italië en Frankrijk in de negentiende eeuw, de strijd tussen katholieken en vrijmetselaars, het antisemitisme, de strijd tussen mogendheden Frankrijk, Pruisen, Rusland,... en de eenmaking van Italië.
Net als andere boeken van Eco is het een erudiet geschiedenisboek geworden, maar zo goed geschreven dat je met plezier verderleest...

14 september 2016

De La Soul


De La Soul heeft sinds eind jaren tachtig al een heel mooi parcours afgelegd. Ze braken door met Me, myself and I en het bijhorende album 3 feet high and rising, dat hen prompt het label hippiehiphoppers opleverde. Opvolger De La Soul is dead was dan ook een statement waarmee ze die vakjesmentaliteit bij publiek en pers van zich wilden afschudden. Het leverde hen bovendien de hit op die vandaag nog het vaakst op de radio te horen is: A roller skating jam named “Saturdays”. In die beginjaren stonden ze op Torhout/Werchter en ontkwamen ze niet aan de kwaal van veel hiphopartiesten uit die periode: live een geluidsbrei van samples en raps die de genialiteit van de platen ferm onderbelicht liet. Meer dan vijfentwintig jaar en een onafgewerkte trilogie (Art official intelligence) later is er And the anonymous nobody.
De tijden zijn inmiddels danig veranderd: hiphop heeft, na enkele metamorfoses die onder meer de gangsta rap zieltogend zoniet fataal werd, zijn rechtmatige plaats opgeëist. Geweld is nog steeds een issue maar dan wel vanuit de slachtofferrol en muzikaal wordt uit meerdere vaatjes getapt ter inspiratie en bij het zoeken naar dragende samples. Kanye West en Kendrick Lamar zijn erin geslaagd bovenaan eindejaarslijstjes te verschijnen en enkel conservatieve muziekpuristen weigeren de vernieuwende wind te erkennen. De vraag is wat je dan als groep die al zo lang meedraait, nog te bieden hebt. Moet je teruggrijpen naar de/je roots of moet je net meespringen op de steeds voortdenderende trein der vernieuwing en jezelf heruitvinden zoals U2 ooit deed op Achtung baby of Radiohead op Kid A?
Het raptrio uit New York kiest er eens te meer voor de eigen weg te bewandelen terwijl ze zowel voor- als achteruit kijken. De intro doet heel sterk denken aan de skits die hun eerste platen opfleurden, zij het meer uitgewerkt, en Royalty capes klinkt zo old skool dat we onze Adidas tennissloefen met drie strepen gingen zoeken. Ook Pain, waarop Snoop Dogg als gastmuzikant figureert, werpt de luisteraar enkele decennia terug in de tijd. Meteen hebben we ook een eerste hoogtepunt te pakken en opvallend is dat de gastbijdrage zich naadloos inpast in het nummer. Met zo’n opvallende naam in de credits van de song zou je verwachten dat die wat meer op het voorplan komt. Snoop bleef zelden zo bescheiden.
Meer abstracte hiphop zoals we die bij uitstek kennen van de Japanner DJ Krush overheerst Property of Spitkicker.com en TrainWreck. CBGBs, vernoemd naar de beruchte rocktempel in New York, wordt passend vergezeld van rocksamples, met een tempo dat dendert alsof het op de hielen gezeten wordt door The Ramones en Patti Smith. Lord intended vist nog nadrukkelijker in dezelfde vijver, al had subtiliteit deze song kunnen redden van de overbodigheid. Van alle gastmuzikanten weet David Byrne overigens nog het meest zijn stempel te drukken. Op Snoopies lijkt het eerder alsof De La Soul op ZIJN plaat mag meespelen.
Sexy bitch en Whoodeeni kunnen bogen op inventieve samples en met Damon Albarn in Here in after werd een man binnengehaald die de rockkant van deze plaat wél ten goede integreert in het album. Nosed up neemt een bad in de vroegste hiphop. Exodus (Outro) hengelt iets te nadrukkelijk naar pop voor de gemiddelde luisteraar om te beklijven, Drawn daarentegen verkent het muzikaal universum dat afgebakend wordt door Nils Frahm aan de ene kant en The xx aan de andere kant. Voorlopig puren de Amerikanen daar nog niet de parel uit die er ongetwijfeld in te vinden valt.
De aandachtige lezer heeft het al begrepen: And the anonymous nobody is een veelzijdige plaat geworden. Dat is meteen ook haar zwakte. Bij de eerste beluistering kon ze absoluut niet overtuigen en klonk het allemaal te chaotisch. Gerichte luisterbeurten met een oplettend oor zijn nodig om de kwaliteit te erkennen. De samenhang heeft last van hetzelfde euvel als het hoofdpersonage in The fly: door een contaminatie (een vlieg in de film) is de materialisatie verstoord.

Je kan deze review ook hier lezen op Indiestyle. Het volledige album kan je hieronder beluisteren:

13 september 2016

Nick Cave And The Bad Seeds


Ik kan me amper voorstellen dat er dit jaar nog een plaat volgt die de nieuwe van Nick Cave And The Bad Seeds van de toppositie in mijn eindejaarslijst kan stoten. Niet alleen zou dat album dan immens goed moeten zijn, de emotionele impact ervan zou bovendien ook nog hier moeten boven uitstijgen.
Het verhaal is intussen genoegzaam bekend: tijdens het werk aan een opvolger voor Push the sky away uit 2013 stierf de 15-jarige zoon van Nick Cave. Hij viel van een rots in het Engelse Brighton. Nadien raakte bekend dat hij kort tevoren LSD had genomen. Het is niet moeilijk je voor te stellen hoe ingrijpend de dood van zijn zoon was voor de zanger en vele fans vreesden dan ook dat deze klap een abrupt einde zou maken aan de kwalitatief hoogstaande periode waarin de muzikant al enige jaren verkeert. Zowel zijn platen als zijn optredens worden immers al enige tijd met grote lof overladen.
Nu is er dus Skeleton tree, een album waarop het verdriet en de rouw zo hoorbaar aanwezig zijn als je mocht verwachten. In elke noot en elke zanglijn kan je voélen hoe erg het overlijden van zijn zoon erin gehakt heeft. Gelukkig voor de luisteraars blijft zijn gave om zowat de mooiste muziek te maken die je je kan voorstellen, intact. Al vanaf opener Jesus alone (vorige week nog lied van de week) wordt de luisteraar ondergedompeld in een omineuze, plechtstatige en overweldigende sfeer. In zekere zin doet het me denken aan The seer van Swans: eenzelfde meteen naar de strot grijpende brok muzikale magie die je met beide handen de plaat insleurt, waarbij verzet nutteloos is. Het parlando van Nick Cave boven de vrij minimalistische muziek spitst je oren zodat je geen woord mist van hoe hij zijn zoon aanroept, al overstijgt de tekst ook nu weer het particulieren van de gebeurtenissen. 
Dat het geen intrieste, immens droevige plaat geworden is, merk je meteen in Rings of Saturn. Natuurlijk blijft Cave vooral uitblinken in een balanceeract in het donker. Het achtergrondkoor verleent dit nummer een soort lichtheid die ver verwijderd is van bubblegumpop natuurlijk, doch niettemin de song draaglijk en draagbaar maakt. De piano krijgt al vanaf de intro een mooi contrast mee in Girl in amber waardoor de evenwichtsoefening alweer een gouden medaille had opgeleverd in Rio bij het turnen op de balk. Ook hier is de achtergrondzang het element dat het zwaartepunt weer precies boven het steunpunt krijgt.
Magneto kent een lange intro waarna de zang sluipend binnenkomt, als een te late kerkganger die het enige plaatsje op één van de voorste rijen wil bereiken zonder storen of opvallen. Het schoorvoeten verdient alsnog je aandacht omdat er niets dwingender is dan het advies dat gegeven wordt door iemand die zelden spreekt en vooral luistert, en zo klinkt Magneto ook. In Anthrocene zit de onrust onderhuids, tot de drums ze voelbaar maken, en zichtbaar als een wippend been van je toehoorder die weliswaar zijn kalmte tracht te bewaren doch inwendig onmogelijk de onrust kan bedwingen.
De lamentatie I need you klinkt alsof ze doorheen de tranen heen gezongen wordt en zorgt voor een krop-in-de-keel-moment. Explicieter kan je nauwelijks zingen over rouw. Al heb ik al enige tijd geleden gekozen welk lied ik zeker op mijn begrafenis wil gespeeld hebben, dit lied verdient er ook een plaats.
Distant sky is van een breekbare zuiverheid die catharsis aankondigt. Daarvoor is het voor Nick Cave wellicht nog veel te vroeg. De dialoog in zang is er wellicht een eerste opstapje naar, maar de weg klinkt nog lang. Voor wie het immense verdriet niet moet dragen, is dit echter een bloedstollend mooi nummer dat wellicht het best tot zijn recht komt in een gewijde, immense ruimte als een kerk. Afsluiter (en titelnummer) Skeleton tree kan daar weliswaar niet aan tippen. Toch weet ook dit nummer de luisteraar bij de keel te grijpen en etaleert het nogmaals de enorme creatieve piek waarin Nick Cave nu al jaren verkeert. 
Je wenst niemand toe wat de zanger heeft meegemaakt. Het is een wonder dat daaruit zulke schoonheid kan ontstaan. Natuurlijk had Cave wellicht ook zonder die tragedie ons alweer vergast op een fantastische plaat, maar de emotionele impact is zelfs voor de luisteraar zo immens dat het album Skeleton tree onder de huid kruipt en er nooit meer verdwijnt. Elke traan die ik in mijn leven nog zal laten, zal vermengd zijn met deze plaat. Elk verdriet zal begeleid worden door deze acht songs. Tot mijn eigen dood zal elke noot van The Bad Seeds op deze plaat resoneren bij elk hartzeer dat mij te beurt valt.

Je kan het volledige album hieronder beluisteren:

12 september 2016

Lied van de week: week 38 - 2016

Stars - Abi Reimold


Deze song heb ik leren kennen dankzij de wekelijkse "plonsjes" van Indiestyle. Abi Reimold is een singer-songwriter die begin dit jaar het overigens prachtige Wriggling uitbracht en al volop bezig is aan de opvolger. Songs voor die volgende plaat worden live al uitgetest en zo kunnen we al kennismaken met dit prachtige Stars.

Je kan de hele discografie van Abi Reimold kopen via haar Bandcamp-pagina.

11 september 2016

Wilco


Wilco is zo één van die bands waarvan ik elke plaat zondermeer goed vind, maar die ik toch niet echt volg (er valt zoveel muziek te volgen hé). Af en toe mis ik dus een album wanneer het uitkomt, maar met het nieuwe Schmilco heb ik dat niet laten gebeuren.
Wereldschokkend of radicaal vernieuwend zijn de twaalf songs niet, steengoed daarentegen wel. Normal American kids klinkt alsof de zonen van Randy Newman een indieband begonnen zijn. Common sense laat zich niet voor één gat vangen: na bijna een minuut verovert een Latino met een gitaar het nummer om het naar zijn hand te zetten. De schijnbare zorgeloosheid van Nope werkt aanstekelijk. 
De plaat telt geen zwak moment. Anderzijds kan ik ook niet meteen een uitschieter opnoemen. Laat ik het er dus op houden dat dit een erg consistente, goeie plaat is van een groep die ten allen tijde uw aandacht verdient.

Je kan het volledige album hieronder beluisteren:

10 september 2016

Lied van de week: week 37 - 2016

Jesus alone - Nick Cave And The Bad Seeds


Binnenkort mag je op deze blog een uitgebreide review verwachten van het gisteren uitgebrachte nieuwe album van Nick Cave And The Bad Seeds, intussen houden we je al zoet met deze fantastische single.

Je kan het album Skeleton tree hier kopen (en ik raad het je ten zeerste aan!)

Lyrics:

You fell from the sky
Crash landed in a field
Near the river Adur
Flowers spring from the ground
Lambs burst from the wombs of their mothers
In a hole beneath the bridge
She convalesce, she fashioned masks of clay and twigs
You cried beneath the dripping trees
Ghost song lodged in the throat of a mermaid


With my voice
I am calling you


You're a young man waking
Covered in blood that is not yours
You're a woman in a yellow dress
Surrounded by a charm of hummingbirds
You're a young girl full of forbidden energy
Flickering in the gloom
You're a drug addict lying on your back
In a Tijuana hotel room


With my voice
I am calling you
With my voice
I am calling you


You're an African doctor harvesting tear ducts
You believe in God, but you get no special dispensation for this belief now
You're an old man sitting by a fire, hear the mist rolling off the sea
You're a distant memory in the mind of your creator, don't you see?


With my voice
I am calling you
With my voice
I am calling you


Let us sit together until the moment comes


With my voice
I am calling you


Let us sit together in the dark until the moment comes


With my voice
I am calling you
With my voice
I am calling you
With my voice
I am calling you
With my voice
I am calling you

02 september 2016

Pauwel De Meyer






Klonk Hideaway uit 2013 nog bijwijlen rammelig en lo-fi, dan hoor je duidelijk dat de songs op Having fun, de nieuwe soloplaat van Pauwel De Meyer beter uitgewerkt, gearrangeerd en geproducet zijn. Toch hebben ze de charme van de voorganger weten te bewaren en dat strekt de Sint-Niklazenaar tot eer. 
Volgens het persbericht is deze plaat poppier, maar wat vooral opvalt is dat Pauwel afgeweken is van het typische singer-songwriterpad en meer diepgang in zijn songs brengt. Daar zitten de medemuzikanten Koen De Gendt (gitaar en toetsen), Anton De Boes (bas) en Klaas Borms (drums) natuurlijk ook voor niet weinig tussen. Het rijkere geluid brengt deze plaat soms dichter bij de popvijver (Shana-na natuurlijk, dat maakt de titel al duidelijk, of Mom's car) maar in Easy bijvoorbeeld horen we een indierockgroep zoals we die graag horen. Daarmee schurkt de frontman dichter aan bij de muziek die hij met Monster Youth maakt, wat niet hoeft te verwonderen.
Een song als 99 injecteert een minieme, haast homeopatische dosis postpunk in een traag rocknummer dat niet misstaan had op een plaat van Betty Goes Green. En verder zit er ook een vleugje Broken Glass Heroes in Here again en vroege Bob Dylan in Prins Albertstraat.
Het moge duidelijk zijn: Pauwel De Meyer heeft zijn meest volwassen, meest diverse en meest uitgewerkte plaat totnogtoe gemaakt. Laat ons hopen dat het verdiende succes en de erkenning, minstens al in eigen land, nu volgt...

Je kan de plaat hier kopen en je kan Pauwel De Meyer en de drie andere muzikanten live aan het werk zien, o.a. in Trefpunt in Gent op 6 oktober of de AB Club op 16 oktober.

01 september 2016

31 augustus 2016

Twintig parels per maand: augustus 2016


De grote vakantie zit erop, de maand augustus bracht ons de Olympische Spelen en zoals elke maand ook twintig parels, die je hieronder terugvindt:
  1. Didn't I blow your mind this time - The Delfonics: uit de fantastische soundtrack van Jackie Brown, misschien wel de beste film van Quentin Tarantino, komt dit prachtnummer
  2. Atomic bomb - William Onyeabor: maar liefst 8 psychedelische minuten lang zingt William Onyeabor, een Nigeriaanse funkartiest, over hoe hij gaat ontploffen. In 1985 zou hij zich bekeerd hebben tot "born-again Christian" en hij weigerde tot 2014 om te spreken over zichzelf of zijn muziek, ondanks herhaalde pogingen om hem te interviewen of documentaires te maken over deze man. In december 2014 doorbrak hij zijn stilzwijgen in een radioprogramma op de BBC
  3. Jungle boogie - Kool And The Gang: ook al gebruikt door Tarantino voor de soundtrack van Pulp Fiction maar vooral een heerlijk funknummer
  4. Gris gris gumbo ya ya - Dr. John: heel bevreemdend is de muziek van Dr. John, één van de muzikale grootheden uit New Orleans. Zijn muziek is doordrenkt van de sfeer van voodoo en de mengelmoes die zo kenmerkend is voor de lokale cultuur
  5. Daddy, you've done put that thing on me - Martha Copeland: blues uit de jaren twintig die ik vond op een plaat die ik de afgelopen maand kocht met pareltjes van deze mij voorheen onbekende blueszangeres
  6. Kowalski - Primal Scream: het album Vanishing point was mijn échte kennismaking met Primal Scream van wie ik al hier en daar eens een song had gehoord, maar deze plaat beviel mij enorm en blijft mijn favoriet van deze band
  7. Antitaxi - La Femme: ik stootte toevallig op dit lied, dat tegelijk heel kitscherig klinkt en toch ook heel modern (het is dan ook nog maar drie jaar oud). Dit is zeker een groep die ik nog verder wil ontdekken...
  8. Roadrunner - The Animals: al is House of the rising sun hun grootste hit, dit is volgens mij hun beste song
  9. This magic moment - Lou Reed: alweer uit een soundtrack, maar dit keer van een film van David Lynch (Lost highway). De film heb ik nog steeds niet goed kunnen doorgronden, maar de muziek past zo wonderwel erbij dat dit zowat de perfecte symbiose is van muziek en film
  10. Heirate mich - Rammstein: natuurlijk is Rammstein intussen een uit de hand gelopen grap, maar voor de soundtrack was dit (en vooral de intro) perfect passend bij Lost highway. Bij voorkeur dus te beluisteren tijdens het bekijken van de film met het volume hoog!
  11. She's fine she's mine - The Pretty Things: lekker ouderwetse rock met veel bluesinvloeden, daarvoor ben je aan het goede adres bij The Pretty Things
  12. Pablo Picasso - Jonathan Richman And The Modern Lovers: voor fijne popliedjes moet je dan weer bij Jonathan Richman zijn, zoals dit fijn liedje over de grote Spaanse schilder
  13. See no evil - Television: in 1977 bracht Television hun legendarische album Marquee moon uit dat opent met dit nummer
  14. Aeroplane - Red Hot Chili Peppers: One hot minute mag dan niet hun sterkste album zijn, deze song daaruit blijft een genoegen om terug te horen
  15. Set adrift on memory bliss - P.M. Dawn: toen dit nummer ooit uitkwam (met die sample uit True van Spandau Ballet, niet meteen mijn favoriete band), was ik er niet weg mee, maar intussen heb ik het leren waarderen
  16. In the dust - 2 Live Crew: en nog eens soundtrackmateriaal, uit de film New Jack City (trouwens ook een aanrader om te bekijken), dit nummer van 2 Live Crew, rappers die vooral bekend stonden om hun vuile bek en waarvan de frontman (Luther Campbell) zich Luke Skyywalker liet noemen (naast nog een hele hoop andere artiestennamen)
  17. Percolator - Stereolab: Stereolab is zo'n band die ik nooit goed beluisterd heb, die telkens net aan mijn aandacht lijkt te ontsnappen. Toch maken ze heel interessante muziek, zoals ik ontdekte met dit liedje
  18. Analogue bubblebath - Aphex Twin: Aphex Twin is dan weer zo'n artiest die ik koester. Dit is één van zijn beste (oudere) nummers
  19. Cowboy movie - David Crosby: zijn solowerk is me minder bekend dan wat hij met Stephen Stills, Graham Nash en Neil Young maakte, maar hey, dit is alvast een pareltje dat hier verdient vermeld te worden
  20. Pissing in a river - Patti Smith: het ultieme nummer waarop mijn tranen tevoorschijn komen, sinds ik het leerde kennen via de film All over me. De scène waarin het gebruikt wordt, raakte me heel diep en ik kan het nummer niet horen zonder op dezelfde intense wijze ontroerd en geraakt te worden   
Je kan de hele afspeellijst hieronder beluisteren:

28 augustus 2016

Gelezen (91)

De afschuwelijke eenzaamheid van Maxwell Sim - Jonathan Coe




Jonathan Coe is een auteur waarvan ik de boeken echt graag lees. Ik ben nog steeds Katrien erg dankbaar dat ze me de weg naar zijn oeuvre wees, lang geleden. Op het korte laatste hoofdstukje na (totaal overbodig wat mij betreft) vond ik dit een erg mooi boek, over thema's als liefde, eenzaamheid, verlangen, mentale gezondheid, relaties en met jezelf in het reine komen...


Dude, where's my country - Michael Moore



Het is een beetje vreemd om een boek over de actualiteit te lezen zo'n 13 jaar na verschijnen. Dat maakt sommige delen mogelijks wat achterhaald, als merk ik ook dat Michael Moore optimistischer was dan achteraf gerechtvaardigd bleek.


De Saint en de groene papegaai - Leslie Charteris



Als ontspannende afwisseling las ik nog eens een boek van Leslie Charteris over de Saint. Dat is altijd onderhoudend en relax, al was dit zeker niet het sterkste boek uit de reeks.

The early stories - Truman Capote


Deze bundeling van vroege verhalen van Truman Capote moet een licht schijnen over het reeds vroeg aanwezige talent van de Amerikaan. Er zitten er bij die gewoon aardig zijn, die laten zien dat hij mooi kan schrijven maar verder ook niet zoveel meer, maar sommige kortverhalen zijn ook al echt áf. 

Ontferm u - Wannes Cappelle


In dit kort verhaal, geschreven ter gelegenheid van de Maand van de Spiritualiteit, heeft Wannes Cappelle, ook nog bekend van Het Zesde Metaal en als acteur in Bevergem, het vooral over verschillende vormen van zorg. Hij weet de clichés weliswaar te vermijden maar hier zat misschien wel meer in: dit verhaal kon uitgewerkt worden tot een langere roman met beter uitgediepte personages nog. Hoedanook is het nu een fijn boek om te lezen (en nog geen 100 bladzijden dik, dus wie niet veel tijd heeft, heeft toch geen excuus om het te laten liggen).

24 augustus 2016

Lied van de week: week 35 - 2016

Een mooie tijd - Maurits Pauwels


Eerlijk gezegd weet ik tot op vandaag nog niet zo heel goed wat ik moet denken van dit kleinkunstachtige werkstukje van Mauro Pawlowski, die zich onder de naam Maurits Pauwels waagt aan het Vlaamse lied. Ternauwerdoor blijft hij uit het vaarwater van de schlagers. Is dit de Limburgse Jonas Winterland of de geïmporteerde Willy Somers? Talloze beluisteringen doen me neigen naar een classificatie aan de goeie kant van de scheidingslijn tussen kunst en kitsch.

Je kan deze single hier kopen via 2ehands.be

Lyrics:

Op een wonderschone avond
Zingen onze vrienden luid en op terras
Iedereen straalt in steden welvaart
Genietend van de dagen


Wat een mooie tijd
Iedereen is blij en vol van goede wil
Een mooie tijd
Boeiend en plezant
Want het leven staat nooit stil


Onderlinge zaken handelen we af met een knipoog en een glimlach
Van koningszoon tot slaaf
Van rotselaar tot kunstenaar
Iedereen heeft dezelfde dromen


Wat een mooie tijd
Iedereen is blij en vol van goede wil
Een mooie tijd
Mateloos interessant
Want het leven staat nooit stil


Zelfs niet voor heel even
Hoe graag men het soms ook wel wil
Ieder jaar vliegt voorbij
Van mei tot april
Oh wat kan men anders doen dan het streven
Naar die mooie tijd


Die mooie tijd
En iedereen loopt blij en vol van goede wil
Door die mooie tijd
Met verandering want het leven staat nooit stil
Nooit stil
Don't care want het leven staat nooit stil

22 augustus 2016

Omar Rodriguez Lopez



Ik bedacht bij het beluisteren van het nieuwe solo-album van Omar Rodriguez Lopez dat het alweer véél te lang geleden is dat ik nog eens De-loused in the comatorium van The Mars Volta in mijn cd-speler schoof. Ooit maakte Omar deel uit van die groep. Deze plaat, Blind worms, pious swine klinkt alvast een stuk toegankelijker dan het inmiddels al dertien jaar oude meesterwerk van The Mars Volta.
Mooiste bewijs van de toegankelijkheidsstelling die ik hierboven poneerde: de (half-geslaagde) cover van Lights van Ellie Goulding. Deze versie blijft naarmate de song vordert, iets te dicht in de buurt hangen van het origineel om echt te overtuigen, al ontdoet Omar hem vooral in de aanvangsfase vakkundig van het überpopjasje. Uitkleden is één ding, een geslaagde nieuwe outfit aanmeten is duidelijk nog iets anders.
Voor de rest biedt deze plaat ook behoorlijk wat variatie aan: Savage letters krijgt een variété-kleedje aangemeten en de gitaren heersen in Hieroglyphs from hell. Atlantis is rising klinkt meer eighties dan Duran Duran en op afsluiter Only nothing is wordt nog een duchtig tekeergegaan.
Je kan deze plaat alvast hieronder volledig beluisteren:

21 augustus 2016

Ólafur Arnalds


IJsland heeft een betoverende aantrekkingskracht en dat is niet in het minst omwille van zijn muzikale export de laatste decennia. Wat de artiesten uit het noordelijk eiland lijkt te verbinden, is een hang naar een haast etherische sfeerzetting in hun platen.
Ook Ólafur Arnalds ontsnapt niet aan die drang op zijn nieuwste plaat, Island songs. Dat blijkt al uit de pianotoetsen in openingsnummer Árbakkinn dat ingeleid wordt door de vertelstem van Einar Georg Einarsson. Wanneer die stem wegvalt, wordt ze vervangen door violen die als wiegende takken over het landschap heersen. Hoe betoverend die song ook mag klinken, hij kan niet tippen aan het breekbare 1995 dat met heel hoge noten een zorgzaam en zorgvuldig luisteren afdwingt. Muziekleraar en organist Dagný Arnalds speelt hierop mee, de man waarmee Ólafur een zeven weken durende rondreis door IJsland maakte die resulteerde in deze plaat.
Het hemels koor op Raddir (het South Iceland Chamber Choir) plaatst je als luisteraar meteen in een kerk wat de haast religieuze beleving van dit nummer ten goede komt. Atli Örvarsson, een filmcomponist en musicus, is samen met SinfoniaNord de gastmuzikant van dienst op Öldurót. Met een minimalistisch palet schildert hij samen met Arnalds een doek waarop mist en horizon een heroïsch gevecht leveren dat resulteert in licht vibrerende grijstinten, waarbij die kleur voor één keer niet gelijkstaat met middelmatigheid maar met een allesomhullende sfeer.
Hoewel de song niet uit de toon valt op de plaat, is Dalur een pak donkerder van inkleuring. Dat heeft natuurlijk te maken met het aandeel van de koperblazers van Brasstrió Mosfellsdals. Aan de andere kant van het spectrum (bijna) situeert zich dan weer Particles dat gedragen wordt door de mooie stem van Nanna Bryndís Hilmarsdóttir, de zangeres van Of Monsters And Men, en de goed verstaanbare Engelse tekst. Afsluiten doet Ólafur Arnalds met Doria, een song waarin snelle piano-aanslagen het einde van het album wat opfleuren.
De reis door zijn eigen land en de samenwerkingen met lokale artiesten heeft de musicus Ólafur Arnalds een plaat opgeleverd die wel eens zou kunnen uitgroeien tot één van de mooiste van dit jaar. Al vanaf de eerste beluistering weet ze immers te bekoren, mee te slepen, te raken,...

Je kan hieronder het volledige album beluisteren:

20 augustus 2016

DM Stith


Het is al van 2009 geleden dat DM Stith ons verblijdde met Heavy ghost, een album waarover ik hier schreef dat het geen voor de hand liggende muziek bevat. Zeven jaar later is er Pigeonheart en nog steeds krijg je voor je geld meer waar dan bij vele andere artiesten.
Eén van mijn persoonlijke favorieten op deze plaat, is Amylette: een song waarop het achtergrondkoor tot een instrument omgesmeed wordt en waarop DM Stith zijn typische stem de tristesse van het beste van Bon Iver oproept. Ook in andere nummers brengt hij laatstgenoemde in herinnering trouwens. 
Het begint al in het openingsnummer (Human torch) maar wat deze plaat zo bijzonder maakt, is de afwisseling. In Sawtooth wordt eighties electronica geëxploreerd met de blik van de eenentwintigste eeuw terwijl Up to the letters een rustig, ontroerend werkstukje is. Rooster laat zich meedrijven op de stroming van de drumritmes en doet me daardoor zelfs een beetje denken aan Takkyu Ishino
Het wachten heeft lang geduurd maar blijkt de moeite: alweer een opmerkelijke, opwindende, verrassende en veelzijdige plaat toevoegen aan je discografie, het is niet iedereen gegeven.

Je kan hieronder het volledige album beluisteren:

Klik op oranje tekst om de links te volgen en blauwe links voor de mp3's.